headerImage1 headerImage2 headerImage3 headerImage4 headerImage5
Laat je e-mail adres achter voor toekomstige informatie

pageImage

Zygositeit

Er zijn twee typen tweelingen: monozygoot (ééneiïg) of dizygoot (twee-eiïg). Drielingen kunnen monozygoot, dizygoot of  trizygoot (drie-eiïg) zijn. Onder meerlingen/zygositeit kunt u hier meer over lezen. Het komt regelmatig voor dat (ouders van) meerlingen door een arts foutief geinformeerd zijn met betrekking tot de zygositeit van de meerling. Met name denken nog steeds veel mensen ten onrechte dat een tweeling met twee placenta’s en twee vruchtzakken (biamniotisch, bichoriaal) twee-eiig zal zijn.


Er zijn een aantal redenen om de zygositeit te bepalen:

 

  • Om eventuele discordante groei of ontwikkeling te beoordelen
  • Om na te gaan in hoeverre er een verhoogd risico is op een aanwezige aandoening bij de co-tweeling
  • Ter voorbereiding op een mogelijke orgaantransplantatie
  • Om de (natuurlijke) behoefte van ouders te vervullen geinformeerd te zijn over hun kinderen (uiteraard niet bij alle ouders aanwezig)
  • Om het risico op een volgende meerlingzwangerschap voor ouders in te schatten
  • Om deelname aan wetenschappelijk onderzoek (tweelingstudies) te optimaliseren

Bepaling van zygositeit kan plaatsvinden door bepaling van:

 

  • Geslacht: jongen-meisje tweelingen zijn altijd dizygoot*
  • Placenta/vruchtvliezen: een mono-amniotische tweeling (één vruchtzak) is altijd monozygoot. Wanneer vroeg in de zwangerschap echografisch onderzoek plaatsvindt kunnen twee gefuseerde placenta’s onderscheiden worden van één gedeelde placenta. Bij  één gedeelde placenta is eveneens altijd sprake van een monozygote tweeling. Bij een tweeling met twee placenta’s en twee vruchtzakken (bi-amniotisch-bi-choriaal) kan dus zowel sprake zijn van een monozy gote als dizygote tweeling.
  • Markers in bloed: vroeger vond zygositeitsbepaling frequent plaats o.b.v. bloedgroep bepaling. Deze bepaling is minder betrouwbaar dan DNA analyse.
  • Uiterlijke kenmerken: uiterlijke kenmerken als haarkleur, iriskleur, vorm en doorkomen tanden kunnen zeer suggestief zijn voor de zygositeit, maar zijn minder betrouwbaar dan DNA analyse.
  • DNA-analyse: door middel van marker-analyse, bij voorkeur in DNA uit schraapsel van wangslijmvlies, is bepaling van zygositeit zeer betrouwbaar. Er bestaat een voorkeur voor analyse in wangslijmvlies, vanwege de mogelijkheid van chimerisme in bloed.

 

*een zeer zeldzame uitzondering zijn beschreven monozygote tweelingen waarvan één van de kinderen Turner syndroom had (45,X; vrouwelijk fenotype) en de ander een normaal mannelijk chromosomenpatroon (46,XY; mannelijk fenotype).